12 november 2018

Thuis merken CVA en NAH-patiënten pas wat de werkelijke impact is van hun hersenletsel.
En uit onderzoek blijkt dat patiënten drie jaar na de beroerte nog nieuwe problemen ondervinden. De nazorg is daarmee een heel belangrijk en langdurig onderdeel van het zorgproces.

De CVA-keten Drechtsteden en Alblasserwaard-Vijfheerenlanden wil dat patiënten de juiste nazorg op de juiste plek ontvangen. In dat kader vond in samenwerking met Steunpunt Koel en Hersenletsel.nl op 11 oktober jl. een netwerkbijeenkomst voor eerstelijnszorgverleners plaats. Centraal stond de vraag welke wensen patiënten hebben ten aanzien van de nazorg, wat dit betekent voor de zorgorganisatie en welke rol de eerstelijnszorgverleners hierin hebben. Naast (financiering voor) dagbestedingsactiviteiten hebben patiënten behoefte aan een centrale zorgverlener, aandacht voor de mantelzorger en nazorg op maat voor onbepaalde tijd.
De rol van de eerstelijnszorgverleners, onder wie huisartsen en praktijkondersteuners, is nog niet uitgekristalliseerd. Aan het einde van de bijeenkomst is er een werkgroep geformeerd die gaat onderzoeken of het oprichten van een netwerk in de eerste lijn, inclusief het maken van een sociale kaart, organiseren van scholing en multidisciplinaire overleggen, haalbaar en wenselijk is. Op 1 november brainstormden beleidsmakers en zorgverleners uit het ziekenhuis, de thuiszorg, de sociale wijkteams en de huisartsenpraktijk over de vraag of en hoe de CVA-nazorg meer wijkgericht georganiseerd kan worden.

Wilt u meedenken over deze ontwikkelingen of meer informatie ontvangen, stuur dan een bericht naar ketencoördinator Anne Klaassen: email