In een terugkerende rubriek worden enkele kartrekkers van Drechtzorg aan u voorgesteld. Zij vertellen over hun ervaringen met ketenzorgprojecten en presenteren elk een eigen perspectief op samenwerking en de succesfactoren van een geslaagd project. Aan de beurt is Elly Pul, zorgmanager bij Zorgwaard en daar onder meer verantwoordelijk voor de afdeling revalidatie bij locatie Egmontshof in Oud-Beijerland. Elly is betrokken bij de CVA-zorgketen. Zij vertelt over haar ervaringen met dit project.

Wat is je functie/wat doe je?
Ik ben zorgmanager van onder andere de revalidatieafdeling en daarnaast ben ik verantwoordelijk voor een longstay-afdeling op een andere locatie. Ik ben bijna 30 jaar geleden bij de zorginstelling Sabina van Egmont gestart vanuit de opleiding als verzorgende, doorgegroeid binnen de organisatie en uiteindelijk in deze functie terechtgekomen. In 2010 is Sabina van Egmont gefuseerd met Trivalent, een andere zorgorganisatie uit de Hoeksche Waard. In die tijd is ook besloten om de managementlaag binnen de organisatie zo klein mogelijk te houden. De hiërarchie is aangepast en de functie van zorgmanager is in het leven geroepen,daar ben ik er één van. Ik heb zo zachtjes aan heel veel ervaring opgebouwd en heb alle veranderingen en reorganisaties meegemaakt. Mijn huidige functie bestaat vooral uit het voorwaarden scheppen,de dagelijkse aansturing en het mede beleid maken.

Op het moment ben ik ook bezig met het doorontwikkelen van de geriatrische revalidatiezorg (GRZ), waar CVA(cerebrovasculair accident)-patiënten ook onder kunnen vallen. We hebben 2012 gebruikt om het proces neer te zetten zoals wij denken dat het moet gaan. Er is een visiedocument voor de GRZ ontwikkeld en we hebben de relevante meetprogramma’s, registratieprogramma’s en natuurlijk de zorgpaden vormgegeven. De reguliere revalidatieafdeling bestaat al 12 jaar, dus we hebben daar inmiddels al heel wat ervaring in opgebouwd. Alle cliënten die voor revalidatie in aanmerking komen en die behoefte hebben aan meerdere behandelaars, die worden ook echt geplaatst op de revalidatieafdeling. Daar heb je een concentratie van disciplines, zodat je zo goed mogelijke zorg kan bieden. We hebben vijf dagen per week de disciplines tot onze beschikking. We overwegen ook op zaterdag behandelingen te gaan geven en om ook op zaterdag opnames mogelijk te maken. Op die manier kan de revalidatie zo snel mogelijk van start gaan en hoeft een patiënt niet een heel weekend in het ziekenhuis te wachten op een plek.

Hoe ben je hierbij betrokken geraakt?
Zorgwaard is vorig jaar lid geworden van Drechtzorg, maar daarvoor werkten we al vijf jaar samen met het Albert Schweitzerziekenhuis in het kader van de CVA-zorgketen. De eerste contacten met Drechtzorg zijn ook uit de keten voortgekomen. Het belang van de zorgketens was de belangrijkste motivatie om aansluiting te zoeken. Sinds vorig jaar is de CVA-keten een stuk actiever geworden en toen de uitnodiging kwam om lid te worden van Drechtzorg zijn we daar direct op ingegaan. In de CVA-keten neem ik deel in de werkgroepen, samen met de manager behandeling. De behandelde thema’s hebben raakvlakken op zowel zorggebied als behandelgebied.

Wij zijn het CVA-project aangegaan omdat veel mensen vanuit de Hoeksche Waard in het Albert Schweitzerziekenhuis terechtkomen. Wij bieden cliënten na een ziekenhuisopname een plek in de omgeving waar ze vandaan komen. Voor CVA-zorg is het belangrijk om de mensen zo snel mogelijk op de juiste plek te krijgen zodat ze de juiste zorg kunnen ontvangen. Zeker de paramedische zorg en de revalidatiezorg voor ouderen spelen hier een belangrijk rol in. Het zorgen voor een veilige, stimulerende omgeving draagt bij aan het welzijn en herstel van de cliënt. Aansluiting zoeken bij het Albert Schweitzer ziekenhuis en bij Drechtzorg was dan ook vanzelfsprekend voor ons. We zien het ook als een manier om de zorg op een nog hoger niveau te brengen. We willen alle cliënten in deze regio een zo hoog mogelijke kwaliteit van zorg bieden.

Wat heeft het opgeleverd?
Door de aansluiting met Drechtzorg zijn de contacten met de collega’s in Dordrecht een stuk intensiever geworden. We zijn nu aan het onderzoeken of we op het gebied van scholing samen kunnen optrekken. Daarnaast werken we aan het gezamenlijk maken van documentatie, patiëntendossiers en het opstellen van een functieprofiel van een cva-verpleegkundige of cva-verzorgende. Dat zijn allemaal zaken die uit de aansluiting bij Drechtzorg zijn voortgekomen.

Momenteel zijn we ook bezig om met alle bij de keten aangesloten huizen de zorgpaden voor de geriatrische revalidatiezorg naast elkaar te leggen en op elkaar af te stemmen. We hebben deze zorgpaden zelf invulling gegeven, dus in eerste instantie zonder andere zorginstellingen uit de keten erbij te betrekken. We willen van elkaar leren en er zijn over en weer al enkele dingen overgenomen. De GRZ is natuurlijk ook allemaal nog experimenteren, zowel voor ons als voor de andere huizen. De zorgpaden van de verschillende organisaties lijken behoorlijk op elkaar, alleen de wijze van omschrijven van het proces verschilt. Wij hebben bijvoorbeeld gekozen voor een redelijk gedetailleerd zorgpad, zodat alle professionals die met het zorgpad werken ook weten waar hun collega’s mee bezig zijn.

Het is inmiddels beleid van zowel het ziekenhuis als van Zorgwaard om de cliënt zo snel mogelijk weer dicht bij zijn eigen leefomgeving te plaatsen, zolang de cliënt daar de voorkeur aan geeft uiteraard. Mensen uit de Hoeksche Waard die revalideren kunnen in 90 procent van de gevallen direct bij ons terecht. Je probeert de overbruggingstijd tussen de opname in het ziekenhuis en de overgang naar de revalidatieafdeling zo kort mogelijk te houden We willen binnen vijf dagen na aanmelding een cliënt kunnen opnemen, als we plek hebben. Tien jaar geleden was die tijd veel langer. De laatste vijf jaar kennen wij al de afspraak om de cliënt binnen 5 dagen na een CVA op te nemen. Alleen als wij heel vol liggen lukt dat niet.

Ketenzorgsamenwerking is volgens jou…….
Ik denk dat het doel van samenwerking in de keten moet zijn om te zorgen dat voor de cliënt het traject na een CVA zo goed mogelijk wordt neergezet. Dat bereik je door al die schotten tussen de zorgverleners zo laag mogelijk te houden.

Zorgwaard bekleedt een redelijk unieke positie. Wij zijn het enige verpleeghuis op het eiland en ook de enige aanbieder van intensieve revalidatie voor ouderen in onze regio. Daardoor hebben wij minder te maken met andere huizen. Je merkt ook dat wij, als organisatie uit de Hoeksche Waard, nog steeds een beetje een vreemde eend in de bijt zijn voor de instellingen uit de Drechtsteden. Wij hebben naast het Albert Schweitzerziekenhuis ook te maken met Rotterdamse ziekenhuizen, met name het Ikazia en het Maasstad. Daar kennen we ook al een langdurige samenwerking mee.

We zien dat de verschillende regionale ketens steeds meer gelijk trekken, ook doordat er op landelijk niveau steeds intensiever wordt ingezet op ketenzorg. Je merkt aan de andere kant dat de concurrentie steeds heviger wordt. Toch zijn de samenwerkingspartners zowel in Rotterdam als in Dordrecht heel open en welwillend. Als sector moet je in deze tijd van grote veranderingen ook samen sterk staan. Je moet als organisaties samen zeggen waar je voor staat. We gaan nu als Zorgwaard op meerdere niveaus de samenwerking aan. Samenwerking en kennisdeling hebben uiteindelijk voor iedereen voordelen en het werkt ook veel plezieriger.

Welke uitdagingen liggen er nog?
Hoofddoel blijft natuurlijk het verbeteren van de CVA-zorg. Daar ondernemen we een paar concrete acties voor. Een ambitie voor dit jaar is om mensen op te leiden als CVA-verzorgende of CVA-verpleegkundige. Daarnaast willen we de nazorg verbeteren, samen met onze thuiszorgtak, maar ook samen met de andere huizen. We willen mensen na hun ontslag kunnen blijven volgen, nu verliezen we die groep soms uit het oog. Er lopen wat zaken door elkaar heen. Voor de geriatrische revalidatiezorg wordt 2013 ons proefjaar. Het is een hele uitdaging om de GRZ en daarbinnen ook de CVA-zorg goed neer te zetten. Dat geldt voor iedereen die met geriatrische revalidatiezorg aan de slag is gegaan. We merken gelukkig dat de keten heel actief is. De ketencoördinator, Anne Klaassen, is daar een behoorlijk sturende factor in. Ik merk dat de aangesloten huizen enthousiast meedoen binnen het project. Iedereen heeft ook hetzelfde doel voor ogen. De wisselwerking binnen de werkgroepen is aangenaam; je brengt wat en je haalt er wat uit. Daar waar je van elkaar kunt leren moet je dat zeker blijven doen.